Inclusive Leadership: van model via fundament naar Inclusive Life

1-model Incl Leadership-Persoonlijk

Model Inclusive Leadership: persoon

Het model van Inclusive Leadership is ontworpen door Ien van der Pol als model van aandacht en is het fundament onder de Alba-academie. Ieder mens heeft alle kwadranten in zich. Vaak krijgt echter ofwel het ene kwadrant aandacht, ofwel het andere; er is geen echte verbinding (links of rechts; cognitief of spiritueel; harde of zachte kant; mannelijke of vrouwelijke kant etc.). Op den duur leidt dit tot uitputting of gespletenheid. In ons proces van heelwording kan het niet anders dan dat we alle kwadranten van het inclusivemodel cognitief, spiritueel, fysiek en affectief binnen een context aandacht geven, steeds weer de cyclus doorlopen en met elkaar verbinden om daar te komen waar we allemaal willen zijn: in balans, thuis bij onszelf.

Voor ons is het model van inclusive leadership uitgegroeid tot veel meer dan een model. Het is het fundament onder al onze opleidingen en trainingen, het fundament onder onze academie om te komen tot Inclusive Life.

Het model is zeker ook toepasbaar op teams, organisaties en maatschappij:

2-model Incl Leadership-Team NL

Inclusive Leadership: team

Inclusive Leasdership: organisatie

Inclusive Leadership: maatschappij

Toelichting op het model van Inclusive Leadership

Het inclusive model is een model van aandacht aan het geheel dat kan worden toegepast op micro- (persoonlijk), meso- (team en organisatie) en macroniveau (maatschappij). We kunnen aandacht besteden aan het één, zonder het ander uit het oog te verliezen. Om een ‘heel’ mens te zijn en in balans te kunnen functioneren, is het nodig dat we aandacht hebben voor alle aspecten in ons leven die voor ons belangrijk zijn, dat we alle behoeften serieus nemen. Er zijn 5 aspecten voor heelheid, inclusiviteit (gezien vanuit het persoonlijke model):

1) het cognitieve aspect: het denken, de ratio, feiten en cijfers, kennis, brein;
2) het fysieke aspect: het doen, gedrag, kunde, lichaam, materieel;
3) het affectieve aspect: het voelen, gevoelens en emotie, liefde als gevoel;
4) het spirituele aspect: het zijn, de ziel, identiteit, zingeving, bestemming, Liefde als staat van Zijn;
5) het contextuele aspect: de context, de omgeving, omgevingseisen, cultuur, systeem.

Het cognitieve aspect  en het fysieke aspect vormen samen de linkerhelft van het model, namelijk de harde kant; de kant van de wil, het denken en doen; de kant van de welvaart. Het wordt ook wel de mannelijke kant genoemd.
De affectieve en spirituele kwadranten vormen samen de ‘zachte’ rechterhelft van het model, de kant van het verlangen; gevoelens, inspiratie, intuïtie; het welzijn. Het wordt ook wel de vrouwelijke kant genoemd.
Samen maken de twee helften heel; ze hebben elkaar nodig en vullen elkaar aan.

Het model biedt houvast voor coaches om zich ervan te verzekeren dat zij aandacht besteden aan alle levensdimensies van de cliënt. Wat de vraagstelling of de doelstelling van de cliënt ook is, de coach kan de hele mens adresseren door alle vijf aspecten te doorlopen in zijn vraagstelling en alle aspecten met elkaar te verbinden. (tekst uit Coachen als Professie – Ien G.M. van der Pol)